Een schildpad is geen zoogdier, maar een reptiel. Schildpadden behoren tot de orde Testudines, een groep koudbloedige dieren die al honderden miljoenen jaren op aarde rondkruipen. Ze delen dus de klasse Reptilia met dieren als hagedissen, slangen en krokodillen, niet met zoogdieren zoals honden, katten of mensen.
Waarom is een schildpad geen zoogdier?
Zoogdieren hebben een aantal kenmerken die schildpadden simpelweg niet hebben. Zoogdieren zijn warmbloedig, wat betekent dat ze hun eigen lichaamstemperatuur regelen. Schildpadden zijn koudbloedig: hun lichaamstemperatuur past zich aan op de omgeving. Kom je een schildpad op een koude dag tegen, dan is hij traag en weinig actief. Leg hem in de zon, en hij komt op gang.
Een ander groot verschil is de voortplanting. Zoogdieren zogen hun jongen met melk, vandaar de naam. Schildpadden leggen eieren en geven geen melk. De meeste soorten graven een nest in de grond, leggen hun eieren en verlaten het nest daarna. De jongen moeten het verder zelf uitzoeken.
Zoogdieren hebben ook haar of vacht op hun lichaam. Bij schildpadden vind je dat niet. In plaats daarvan hebben ze een schild, dat bestaat uit beenachtig materiaal en nauw verbonden is met de wervelkolom en ribben van het dier. Dat schild is een uniek kenmerk waar geen enkele zoogdier over beschikt.
Wat maakt een schildpad dan wel een reptiel?
Schildpadden delen alle kenmerken van reptielen. Ze zijn koudbloedig, ademen via longen, hebben schubben of hoornachtige platen op hun lichaam en leggen eieren op het land (of ze baren levende jongen bij sommige watersoorten). Al deze eigenschappen plaatsen ze stevig in de groep van reptielen.
Interessant is dat schildpadden evolutionair gezien een heel oude groep zijn. Fossielen tonen aan dat de voorouders van de schildpad al meer dan 200 miljoen jaar geleden op aarde leefden, ruim voor de tijd van de dinosauriërs in de vorm die we nu kennen. Ze hebben vrijwel alle grote massa-uitstervingen overleefd, wat ze tot een van de meest succesvolle diergroepen op aarde maakt.
Is een schildpad een zoogdier, reptiel of amfibie?
Dit is een veelgestelde vraag, omdat schildpadden er soms wat “anders” uitzien dan typische reptielen. Zeker waterschildpadden, die veel tijd in het water doorbrengen, lijken op het eerste gezicht op amfibieën zoals kikkers of salamanders. Maar ook dat klopt niet.
Amfibieën hebben een vochtige, slijmerige huid en leven in beide werelden: water én land. Ze leggen hun eieren in het water. Schildpadden hebben een droge, schubachtige of hoornachtige huid en leggen hun eieren altijd op het land, ook als ze verder grotendeels in het water leven. Daarmee zijn ze duidelijk te onderscheiden van amfibieën.
- Zoogdier: warmbloedig, haar, melk voor de jongen. Schildpad: nee.
- Amfibie: vochtige huid, eieren in het water. Schildpad: nee.
- Reptiel: koudbloedig, longen, schubben of hoornplaten, eieren op land. Schildpad: ja.
Wat zijn bekende soorten schildpadden?
Er zijn wereldwijd meer dan 350 soorten schildpadden, verdeeld over landschildpadden, zoetwaterzeeschildpadden en zeeschildpadden. Bekende voorbeelden zijn de reuzen landschildpad (te vinden op de Galapagoseilanden), de onechte karetschildpad (een zeeschildpad) en de roodwangschildpad, die in Nederland als huisdier wordt gehouden. Al deze soorten zijn reptielen, zonder uitzondering.
Kort gezegd: een schildpad is een reptiel, geen zoogdier en geen amfibie. Het schild, het koudbloedige lichaam, de eieren op het land en het ontbreken van haar of melk maken dat duidelijk. Als je een schildpad in huis hebt of er eentje tegenkomt in de natuur, weet je nu precies met welk soort dier je te maken hebt.





