Kikkerdril is de naam voor de klonterige massa eieren die kikkers in het voorjaar in het water afzetten. Elke transparante bol in de dril is één ei, met daarin een zwart puntje: het embryo. De gelei eromheen beschermt het ei en houdt het warm. Binnen enkele weken ontwikkelen die eitjes zich tot kikkervisjes en uiteindelijk tot volgroeide kikkers.
Hoe ziet kikkerdril eruit?
Kikkerdril herken je aan de onregelmatige, klonterige klompen die in ondiep water drijven. Elk ei heeft een zwart middelpunt, omgeven door een heldere geleilaag. De dril van de gewone bruine kikker (de meest voorkomende soort in Nederland) vormt grote klompen, vaak zo groot als een voetbal. Die klompen drijven vlak onder of op het wateroppervlak, omdat de gelei warmte opneemt van de zon.
Padden leggen hun eieren anders: in lange snoeren die om waterplanten gewikkeld zijn. Dit is een makkelijke manier om kikkerdril van paddeneieren te onderscheiden. Beide soorten zijn beschermd in Nederland, dus je mag ze bekijken maar niet zomaar meenemen.
Wanneer verschijnt kikkerdril?
Kikkers paren in het vroege voorjaar, meestal tussen februari en april, afhankelijk van de temperatuur. Zodra het water iets opwarmt (boven de vijf graden Celsius), trekken kikkers naar hun voortplantingswater. Dat zijn vaak vijvers, sloten, poelen en andere ondiepe, stilstaande wateren. Na de paring legt het vrouwtje honderden tot soms duizenden eieren tegelijk. Je ziet de dril dan plotseling opdagen, soms in grote hoeveelheden tegelijk.
Van kikkerdril tot kikker: de ontwikkeling stap voor stap
De ontwikkeling van ei tot kikker duurt ruwweg zeven tot twaalf weken, afhankelijk van de watertemperatuur en de soort. Hoe warmer het water, hoe sneller het gaat. De fases zijn als volgt:
- Dag 1 tot 10: het embryo groeit zichtbaar in het ei. Het zwarte puntje wordt groter en begint op een kommaatje te lijken.
- Week 2: het kikkervisje breekt uit het ei. Het heeft een staart en kieuwen om te ademen onder water.
- Week 3 tot 6: het kikkervisje groeit en begint te grazen op algen en plantenresten. De achterpoten beginnen te groeien.
- Week 7 tot 10: ook de voorpoten verschijnen. De staart wordt korter en de longen ontwikkelen zich. Het diertje ademt steeds meer aan de oppervlakte.
- Week 10 tot 12: de staart is vrijwel verdwenen. De jonge kikker verlaat het water en begint een landleven.
Kikkerdril zelf opkweken: wat je moet weten
Sommige mensen halen een klompje kikkerdril op om thuis of op school te volgen hoe de ontwikkeling verloopt. Dat kan, maar er zijn een paar belangrijke spelregels. Kikkers zijn beschermde dieren in Nederland. Je mag een kleine hoeveelheid dril tijdelijk meenemen voor educatieve doeleinden, maar je moet de dieren na afloop terugplaatsen op exact de plek waar je de dril hebt gevonden. Haal nooit al de dril weg uit een poel, want dan breng je de lokale populatie schade toe.
Voor het opkweken gebruik je een grote bak of aquarium met schoon, onbehandeld water. Kraanwater dat een dag heeft gestaan werkt goed. Voeg waterplanten toe als schuil- en voedingsplek. Kikkervisjes eten algen, sla en gekookte spinazie. Zodra de pootjes verschijnen, heeft het diertje ook een uitstapplek nodig, een steen of plankje dat boven het water uitsteekt, zodat het niet verdrinkt. Zet de kikkertjes na ongeveer zeven weken, of zodra ze volledig zijn omgevormd, terug in de natuur op de plek van herkomst. Zet ze nooit ergens anders uit, want kikkers zijn gebonden aan hun geboorteplek.
Waarom kikkerdril belangrijk is voor de natuur
Kikkers spelen een grote rol in het ecosysteem. Als kikkervisje eten ze algen en houden zo het water schoon. Als volwassen kikker eten ze insecten, slakken en andere kleine dieren. Tegelijk zijn kikkers zelf voedsel voor reigers, ooievaars, slangen en egels. Kikkerdril is dus letterlijk het startpunt van een voedselketen die veel verder reikt dan de vijver waar het allemaal begint.
Wil je kikkerdril in de buurt hebben? Zorg dan voor een vijver in je tuin met flauw aflopende oevers en zonder roofvis. Goudvissen en karpers eten kikkerdril en kikkervisjes op. Een naturelle vijver zonder vis trekt kikkers vaak vanzelf aan.
Kikkerdril volgen in het voorjaar is een mooie manier om de natuur van dichtbij mee te maken, zeker voor kinderen. Houd je aan de regels, breng de dieren terug waar ze thuishoren, en de vijver blijft jaar na jaar een plek waar kikkers terugkomen.





