De groene kikker is een van de meest voorkomende kikkersoorten in Nederland en leeft vrijwel het hele jaar in en rondom het water. Onder de naam “groene kikker” valt eigenlijk een groep nauw verwante soorten, bekend als Rana esculenta synklepton. Je vindt ze in sloten, vijvers, plassen en meren door het hele land.
Welke soorten vallen onder groene kikkers in Nederland?
De groene kikkers in Nederland zijn geen één soort, maar een complex van drie soorten die nauw met elkaar verwant zijn. Het gaat om de meerkikker (Pelophylax ridibundus), de bastaardkikker (Pelophylax esculentus) en de poelkikker (Pelophylax lessonae). De bastaardkikker is een hybride van de andere twee en kan zich op een bijzondere manier voortplanten: hij geeft niet zijn eigen genen door, maar die van een van de ouderssoorten. Dit maakt groene kikkers genetisch gezien uniek.
In het dagelijks leven zijn deze drie soorten voor de gemiddelde waarnemer nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Ze lijken sterk op elkaar in uiterlijk en gedrag. Wetenschappers gebruiken soms DNA-onderzoek om ze uit elkaar te houden.
Hoe ziet een groene kikker eruit?
Zoals de naam al zegt, is de groene kikker overwegend groen van kleur, vaak met bruine of zwarte vlekken op de rug. Over het midden van de rug loopt bij veel exemplaren een lichte streep. De buikzijde is wit of lichtgeel. Volwassen exemplaren worden doorgaans 5 tot 10 centimeter lang, waarbij de meerkikker aan de grotere kant zit en de poelkikker kleiner blijft.
Mannetjes hebben aan weerszijden van de kop uitwendige klankkastjes, ook wel kikkerblazen genoemd. Daarmee produceren ze het bekende luide geroep, dat je op warme zomeravonden bij sloten en vijvers goed kunt horen.
Waar in Nederland leef de groene kikker?
Groene kikkers komen in heel Nederland voor. Ze zijn echte waterkikkers en blijven het grootste deel van hun leven dichtbij of in het water. Je treft ze aan langs de oevers van sloten, vijvers, rivieren en meren. Ze liggen graag op waterplanten of op de oever te zonnen en springen snel het water in als er gevaar dreigt. Dat plotselinge “plons”-geluid als je langs een slootkant loopt, komt meestal van een groene kikker.
Ze stellen niet overdreven hoge eisen aan hun leefgebied, wat verklaart waarom ze zo wijd verspreid zijn. Zelfs in stedelijk gebied, zoals stadsparken met vijvers, duiken ze regelmatig op.
Wat eet een groene kikker?
Groene kikkers zijn vleeseters. Ze eten voornamelijk insecten, maar ook spinnen, slakken, wormen en andere kleine ongewervelde dieren. Grotere exemplaren, zoals de meerkikker, kunnen soms ook kleine vissen, kikkervisjes of zelfs jonge vogels pakken. Ze jagen met hun lange, kleverige tong, die ze razendsnel naar buiten schieten om prooien te vangen.
Voortplanting en levenscyclus
Groene kikkers paren in het voorjaar, meestal tussen april en juni. Het vrouwtje legt honderden tot duizenden eitjes in het water, die samengeklonterd drijven aan waterplanten of net onder het wateroppervlak. Na een paar weken komen de kikkervisjes uit. Deze groeien in de loop van de zomer uit tot kleine kikkers, die het water verlaten en het leven op het land beginnen.
In tegenstelling tot de bruine kikker blijft de groene kikker ook buiten het voortplantingsseizoen dicht bij het water. ’s Winters gaan ze in winterslaap, vaak op de bodem van het water of verstopt in de modder langs de oever.
Groene kikker in Nederland: bescherming en bedreigingen
Alle drie de soorten groene kikkers zijn in Nederland beschermd onder de Wet Natuurbescherming. Je mag ze niet vangen, doden of hun leefgebied verstoren. Ondanks die bescherming staan groene kikkers wel onder druk. De belangrijkste bedreigingen zijn:
- Verdroging en het dempen van sloten en poelen
- Vervuiling van het water door meststoffen en bestrijdingsmiddelen
- Versnippering van leefgebieden door wegen en bebouwing
- Predatie door uitheemse soorten, zoals de Amerikaanse brulkikker
De meerkikker is van de drie het meest algemeen en het robuustst. De poelkikker is schaarsere en meer gebonden aan kleinere, schone wateren. Die soort verdwijnt op sommige plekken door verslechtering van de waterkwaliteit.
Groene kikker of bruine kikker?
Verwar de groene kikker niet met de bruine kikker (Rana temporaria), die in Nederland ook veel voorkomt. Het onderscheid is vrij eenvoudig. De bruine kikker is, zoals de naam zegt, overwegend bruin of beige van kleur, heeft een donker masker achter het oog en is buiten het paartijd veel minder aan water gebonden. De groene kikker is opvallend groener, zit vrijwel altijd vlak bij water en roept veel vaker en luider.
Als je een kikker in of vlak naast het water ziet zitten en je hoort luid gekwak in de zomer, is de kans groot dat je te maken hebt met een groene kikker. Zie je er bruinere exemplaren die verder van het water vandaan lopen, dan is het waarschijnlijk een bruine kikker.
De groene kikker is een vertrouwd gezicht in het Nederlandse landschap en een goede graadmeter voor de gezondheid van sloten en vijvers. Een sloot vol kwakende groene kikkers is een teken dat het water redelijk schoon is en dat de natuur er zijn gang kan gaan. Beschermen van slootkanten en het verbeteren van waterkwaliteit helpt direct om deze kikker ook voor de toekomst te behouden.





