Zwarte kikker in de tuin: wat is het en wat moet je ermee?

Een zwarte kikker in de tuin is bijna altijd een gewone bruine kikker (of soms een groene kikker) die tijdelijk zwart of zeer donker oogt door een combinatie van licht, vochtige huid en de kleur van de ondergrond. Een écht zwarte kikkersoort komt in Nederland niet voor in het wild. Toch zijn er situaties waarin een kikker opvallend donker is, en daarvoor is een simpele verklaring.

Waarom lijkt een kikker in de tuin zwart?

Kikkers kunnen hun huidkleur aanpassen aan de omgeving. Een bruine kikker die tussen donkere aarde, composthoop of natte bladeren zit, oogt snel vrijwel zwart. Ook de lichtomstandigheden spelen mee: in de schaduw of bij bewolkt weer ziet een kikker er donkerder uit dan in direct zonlicht. De huid reflecteert dan minder licht, waardoor de dieren bijna pikzwart lijken.

Jonge kikkers (net na de metamorfose vanuit een kikkervisje) zijn vaak ook donkerder van kleur dan volwassen exemplaren. Ze zijn nog maar een paar centimeter groot en bewegen zich graag schuil tussen mos en aarde, precies op plekken waar ze het donkerst lijken.

Welke kikkersoorten kom je in de tuin tegen?

In Nederlandse en Vlaamse tuinen zie je voornamelijk drie soorten:

  • Bruine kikker (Rana temporaria): de meest voorkomende tuinkikker. Bruinachtig tot roodbruin van kleur, maar kan donker ogen in schaduw of op vochtige grond.
  • Groene kikker (Pelophylax-soorten): groen met donkere vlekken, minder vaak diep in de tuin maar wel bij vijvers en sloten.
  • Kleine watersalamander: geen kikker, maar wordt soms verward met een zwart of donker amfibie in de tuin, zeker als de salamander net aan land loopt.

Een echte zwarte kikkersoort staat niet op de Nederlandse soortenlijst. Als je een dier ziet dat écht diepzwart is en niet verklaard wordt door licht of ondergrond, is de kans groot dat het een salamander betreft, of dat het dier ziek of gestrest is.

Zwarte kikker in de tuin: is het goed nieuws?

Ja. Een kikker in de tuin is nuttig. Kikkers eten slakken, insecten, wormen en andere kleine ongewervelden. Wie last heeft van slakken in de moestuin, profiteert van de aanwezigheid van kikkers: één kikker eet in een zomer al tientallen slakken en andere plaagdieren. Ze vragen niets terug en hebben weinig ruimte nodig.

Kikkers zijn ook een teken dat de tuin gezond is. Ze zijn gevoelig voor pesticiden en vervuiling. Als er kikkers leven, is de kwaliteit van de bodem en het water in de buurt over het algemeen redelijk op orde.

Hoe maak je de tuin aantrekkelijk voor kikkers?

Wil je dat kikkers blijven, dan helpen een paar eenvoudige ingrepen:

  • Leg een kleine vijver of waterpartij aan, ook een plantenbak of kuip van 50 bij 50 centimeter is al genoeg voor voortplanting.
  • Laat een hoek van de tuin rommelig: een stapel stenen, wat bladeren of een composthoop geeft kikkers schuilplaatsen.
  • Gebruik geen pesticiden of slakkenkorrels met metaldehyde, want die zijn direct giftig voor kikkers.
  • Maai niet alles kaal: lang gras en ruige borders bieden dekking en voedselbronnen.

Moet je de kikker verplaatsen of met rust laten?

Laat de kikker gewoon zitten. Verplaatsen is eigenlijk onnodig en niet handig: kikkers zijn territoriaal en weten hun weg in een vertrouwde tuin. Als je de kikker oppakt en ergens anders neerzet, kan hij gedesoriënteerd raken. De enige uitzondering is als het dier op een gevaarlijke plek zit, zoals midden op een tegelvloer in de volle zon zonder uitweg. Dan kun je het voorzichtig met vochtige handen naar een schaduwrijke, veilige plek brengen.

Een zwarte of donkere kikker in de tuin is dus vrijwel altijd een vertrouwde soort in een donkere omgeving. Laat het dier zijn gang gaan en het helpt jou in ruil daarvoor met de slakken- en insectenstand.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *